DB9:Tunnelvisie

 
Leuven, kot sweet kot. Het voelt al bijna even vertrouwd als thuis. Ik heb het gemist: de vaste lesroutine, warme choco drinken met vriendinnen... Van mijn goede voornemens komt alweer niks in huis. Gezond eten? Euh... Er zat kokos in mijn muffin. Telt dat?
 
 
Maar ik ben geslaagd in een veel belangrijker voornemen, voorlopig toch. In de lessen zit ik er nu bij als een modelstudent, netjes elk woord noterend (in plaats van hopend op betere notities van een medestudent) en ik ben al ijverig begonnen met het samenvatten van de eerste vakken.
 
En ja, je ziet het goed: deze week is er een foto van mezelf te zien. Ik vraag me af of het klopt met het beeld dat je in je hoofd had van mij. Sommige lezers kennen me natuurlijk wel persoonlijk, dus voor hen is mijn gezicht niets nieuws. Ik vraag me ook af of je, als je enkel mijn gezicht zou zien, zou kunnen vermoeden dat ik een fysieke beperking heb. Waarschijnlijk niet, zelfs wanneer je me in levende lijve ontmoet zou het nog heel eventjes duren voordat je zou beseffen dat er iets aan de hand is.
 
 
Ik heb twee heupprothesen. Dat staat niet op mijn voorhoofd geschreven, en ook wanneer ik een short draag in de zomer blijven mijn littekens meestal verborgen. Niet dat ik me ervoor schaam, maar echt flaterend zijn ze niet. Het klinkt erger dan het is, tenslotte hebben ze gewoon mijn heupkom en het uiteinde van het bot in mijn bovenbeen vernieuwd.
Ik heb wel opnieuw moeten leren stappen, dat wel.
 
 
Ga, als je zelf reuma hebt, alsjeblieft niet panikeren. Ik heb een zeldzame en zware vorm van reuma. Het feit dat een zestienjarige twee heupprothesen moest krijgen was een primeur. En toegegeven: voor mij een opluchting.
Mijn gewrichten waren op die plaatsen zo zwaar aangetast dat er bijna geen kraakbeen meer over was en mijn zenuwen zaten tussen mijn botten geperst. Voor mijn operatie kon ik niet eens meer stappen en had ik continu pijn. Mijn bovenbenen zaten vast in een hoek, ik kon ze niet meer strekken, twee maanden lang.
 
Ik was niet bang meer voor het staal, voor de revalidatie, voor de pijn. Het kon me niks meer maken, ik had, wat dat betreft, genoeg gevoeld om tegen alles bestand te zijn.
 
 
En toen, enkele weken voor de operatie, toen ik in mijn rolstoel zat, kreeg ik een van de mooiste complimenten van mijn leven. En tegelijkertijd was het een van de wreedste dingen die ik ooit heb gehoord, al bedoelde ze het waarschijnlijk niet slecht.
 
Een dame die me had gezien en gevraagd had wat er aan de hand was, had met een meelevende gezichtsuitdrukking naar de grote lijnen van mijn verhaal geluisterd. "Ach, wat jammer, wat oneerlijk!" had ze ontzet gezegd, "Je verdient zoiets vreselijks helemaal niet. Je bent zo'n mooi meisje." En daarna wenste ze me het beste en ging ze er gehaast vandoor, zoals alle drukbezette volwassenen doen, op naar het werk.
 
Ik wist niet of ik moest lachen of huilen. Er werd me niet vaak gezegd dat ik mooi ben, en ik wist niet of ik het zelfs maar kon geloven. En ik werd zo kwaad op de wereld. Wat zou het dat ik mooi was? Zo veel mensen knapten af op de rolstoel, op mijn reuma! Zo veel mensen zagen niet wie ik was, ze zagen alleen een wandelend reclamebord met daarop in koeienletters: "Gehandicapt, komt dat zien, komt dat zien!"
En verdienden alleen mensen die knap waren een goede gezondheid en een mooi leven? Moesten mensen die als lelijk bestempeld werden door een nog lelijkere maatschappij dan maar eenzaam wegkwijnen? De wereld was niet eerlijk. Mijn wereld was niet eerlijk!
 
 
Ik heb vaak het gevoel gehad dat ik met mijn gezicht en persoonlijkheid mijn fysieke beperking moet zien te compenseren en ik daar voorheen jammerlijk in faalde. Nu probeer ik dat niet meer, en ik zorg er wel voor dat ik omringd ben met mensen die verder kijken dan de buitenkant. Het is moeilijk om de hele tijd positief te blijven, maar ik ben best trots op mezelf. Ik heb liever dat mijn ietwat vergroeide gewrichten een beetje scheef zitten dan dat ik het hart op de verkeerde plaats heb.
 
Ik betrap mezelf er ook op dat ik iemand nastaar als ik een knap gezicht voorbij zie wandelen. En ik zou me ook omdraaien voor een knappe jongen in een rolstoel, of een leuke jongen die maar een arm heeft, ik noem maar wat. Maar ik kijk niet alleen met mijn ogen. Ik kijk ook met mijn hart.
 
 
En jij? Hoe kijk jij naar mensen met een beperking? Zijn ze incompleet volgens jou, of kunnen ze een meerwaarde bieden aan je leven? Ben jij beperkt in je denken? Kun jij je vooroordelen opzij zetten en houden van wat anders is dan jij? Ja? Of toch niet? Zou je het willen proberen, deze week, deze maand, dit leven? Het hoeft niet meteen te lukken, maar zou je willen proberen om met je ogen dicht te kijken? In het donker kun je meer zien dan je denkt.
 
Ik wens je een Valentijnsdag vol aangename verrassingen, een lesweek vol complimentjes en als niemand je ze geeft... Dan bedenk je ze toch lekker zelf! Misschien ken ik je (nog) niet, maar ik weet zeker dat je heel wat moois te bieden hebt aan jezelf en anderen.
 
 
 
Aïda